vrijdag 28 februari 2014

Functie Verschuiving - Dynamisch bereik

We gaan de functie verschuiving gebruiken om een dynamisch bereik te maken. We brengen in een werkblad een aantal getallen aan. We selecteren deze getallen en geven vervolgens hiervoor een bereiksnaam.

  • Typ "10" in cel "A1".
  • Typ "20" in cel "A1".
  • Selecteer de cellen met deze getallen.
  • Kopieer dit naar de onderliggende cellen door slepen vanuit het vierkantje rechtsonder.

De getallen die nu verschijnen verhogen met de waarde 10. We zijn gestopt bij het getal 70. We geven dit werkblad een naam.
  • Dubbelklik onderaan op het tabblad van het werkblad.
  • Typ "getallen".
  • Bevestig met de Enter-toets.

We selecteren de getallen.
  • Klik in de cel "A1".
  • Gebruik de sneltoets CTRL SHIFT Pijltje naar beneden om alle getallen te selecteren.

Via het naamvak kunnen we aan dit bereik een naam geven.

  • Klik bovenaan in het naamvak.
  • Typ "getallen".
  • Bevestig met de Enter-toets.

We maken een tweede werkblad. In dit werkblad komen de berekeningen.
  • Klik onderaan op het plusteken naast de naam van het eerste werkblad.

  • Dubbelklik op het tweede werkblad.
  • Typ "som".
  • Bevestig met de Enter-toets.

We controleren of deze naam aanwezig is in het keuzelijstje "Naamvak".

  • Klik daartoe op het pijltje bij het naamvak.
In ons geval is alles correct verlopen. De naam "getallen" is aanwezig in de lijst.
We bekijken eerst de verschillende argumenten voor de functie verschuiving. En dit om een bereiksnaam dynamisch te maken. In dit geval komt de formule niet in een cel. Maar het is wel nodig om de schrijfwijze voor deze functie te kennen. De formule komt in de plaats van het vast bereik.
  • Klik op het tabblad "formules" in het lint.
  • Klik op het boekje "Zoeken en verwijzen".
  • Klik op de functie "Verschuiving".

Het dialoogvenster "Functieargumenten" voor verschuiving verschijnt.

Nu kunnen we de verschillende argumenten bespreken.
Het eerste argument is verw. In ons geval wordt dit de startcel van het bereik. Dus de vaste cel "$A$1".
Het tweede en derde argument gaan we in ons geval niet gebruiken. De cel "A1" is de startcel. Het is niet nodig om een aantal rijen of kolommen te verschuiven. Dus in ons geval worden zowel de rijen als kolommen nul.
Het vierde argument wordt de hoogte van het bereik. Om een dynamisch bereik te bekomen is het nodig om te bepalen uit hoeveel cellen ons bereik bestaat. We gaan hier de functie "Aantal" toepassen. We bekijken de volledige kolom A. Dus de syntax voor aantal wordt "Aantal($A:$A)". Hierdoor wordt geteld hoeveel getallen er onder elkaar staan.
Het laatste argument is "Breedte". De getallen komen enkel in kolom A. De Breedte is 1 kolom. Hierdoor wordt de Breedte het getal 1.
  • Klik op de knop "Annuleren".
We kunnen nu de syntax noteren.
=verschuiving($A$1;0;0;aantal($A:$A);1)
We gaan dit straks toepassen op ons statisch bereik.
We brengen vervolgens in het tweede werkblad de functie Som aan.
  • Klik op cel "A1" van het werkblad "som".
  • Typ "=".
  • Typ "ge".
Er verschijnt een alfabetische lijst met hierin formules maar ook bereiksnamen.

  • Dubbelklik op "getallen" in de aangeboden lijst.

  • Bevestig met de Enter-toets.
Het resultaat 280 verschijnt in de cel A1. Dit is de som van 10, 20, 30, 40, 50, 60 en 70.

  • Ga terug naar het werkblad "getallen".
  • Breng onderaan het getal "80" aan.

Het resultaat op werkblad "som" is nog niet gewijzigd. We maken nu ons bereik dynamisch. Zorg ervoor dat het eerste werkblad terug actief is.
We openen het venster "Namen beheren".

  • Klik op het tabblad "Formules" in het lint.
  • Klik op "Namen beheren".

Onderaan bij het vak "Verwijst naar" zien we het vast bereik. Hier gaan we functie verschuiving toepassen. We weten nog de syntax van de verschuiving. We typen dit stap voor stap. Let op dat je geen pijltjestoetsen kan gebruiken. In dat geval breng je in dit vak het bereik van de actieve cel aan. Ben je te ver bij het typen of wens je iets te verbeteren dan is het vereist te klikken.
  • Klik in het vak "Verwijst naar".
  • Maak het vak leeg.
  • Typ "=verschuiving(a1".

  • Duw op de toets F4 om van cel A1 een vaste cel te maken.

  • Typ ";0".

  • Typ ";0".

  • Typ ";aantal(a:a".

  • Duw op de toets F4 om het bereik A:A vast te maken.

  • Typ ");1)".
  • Klik vooraan het vak "Verwijst naar" op het vinkje.

Het is belangrijk om te klikken op het vinkje en niet op de knop "Sluiten". Indien er een fout is in de syntax, kan je na klikken op het vinkje de fout herstellen. Anders bij "Sluiten" wordt het vak bij een fout gewoon leeggemaakt en kan je alles terug intypen.

Nu verschijnt naam van het geselecteerd werkblad in het vak. Hierdoor is het belangrijk dat het juiste werkblad vooraf is geselecteerd. Dit is het werkblad waar de getallen staan. In ons geval was alles correct aangebracht en kunnen we nu het dialoogvenster "Namen beheren" sluiten.
  • Klik op de knop "Sluiten".
  • Klik op het tweede werkblad "som".

Nu is de som wel aangepast. 80 is toegevoegd.
We brengen nog een getal aan in het werkblad "getallen".

  • Klik onderaan op het werkblad "getallen".
  • Typ onderaan een getal. In ons geval typen we het getal 90.
  • Controleer op het werkblad "som" of de berekening wordt aangepast.

Nu hebben we een dynamisch bereik voor onze getallen.